23 oktober 2016

Orgaantransplantatie

kidneyHet menselijk afweersysteem reageert niet tegen lichaamseigen structuren, maar wel tegen lichaamsvreemde structuren, ongeacht of het kwaadaardige virussen of bacteriën betreft, of als ‘goedaardig’ bedoelde transplantaten. Het afweersysteem herkent op getransplanteerde organen en weefsels de rode bloedgroepen van het ABO-systeem en de complexe weefselgroepen die behoren tot het HLA-systeem. Deze weefselgroepen zijn voor het eerst aangetoond op witte bloedcellen (leukocyten) en worden daarom HLA (human leukocyte antigens)-antigenen genoemd (Dau54, Roo58). Wanneer er een groot verschil bestaat tussen de HLAantigenen van de donor en die van de ontvanger, dan treedt een heftige immunologische afweerreactie op. Is er daarentegen een grote mate van overeenkomst in de weefselkenmerken (histocompatibiliteit) dan leidt dit tot een mildere afweerreactie. Wanneer alle weefselgroepen overeenkomen, zoals bij een eeneiïge (identieke) tweeling het geval is, dan zal geen enkele afweerreactie optreden. Dit duidt op de rol van erfelijke factoren in het afstotingsproces. Bij de transplantatie van organen en weefsels is het onderzoek naar de mate van histocompatibiliteit tussen de donor en ontvanger een essentieel gegeven dat bepalend is voor de uitkomst van deze ingreep.